maandag 23 november 2020

Op naar Kerstmis 2020

Bij de Janskerk van Utrecht wordt de dienst van zondagmorgen voorbereid door een kleine groep. Hier mijn huiswerk voor 6 december aanstaande.

Het verhaal van Gabriel’s boodschap aan Maria vinden we in twee parallel-tradities in de Koran: de vroege soera 19 en de latere soera 3. Maria reageert geschokt op de boodschap van de engel dat zij een zoontje zal krijgen: Geen mens heeft mij aangeraakt en ik ben geen zondaar. Maar God heeft besloten. Zij wordt zwanger en vlucht naar een eenzame plaats waar zij het kind baart. Zij klaagt over haar lot in de woestijn, waar ineens een beekje verschijnt en een dadelpalm die vrucht draagt. Een engel troost haar en zegt: als je een mens ziet, zeg dan: ik heb een gelofte aan  de Erbarmer, spreek met niemand vandaag. Dit lijkt op het spreekverbod dat Zacharias ook heeft gekregen na de aankondiging van zijn zoon Johannes. Maria gaat naar haar familie toe met het kind en krijgt verwijten: Hé, Maria, je hebt iets vreselijks gedaan. Maria zwijgt, maar de baby Jezus neemt het woord en komt meteen programmatische aankondiging, alsof hij een nieuw profeetschap aankondigt. Ik dacht nu even aan Joe Biden die zijn presidentschap accepteerde: 30. Hij zei: ‘Ik ben Gods dienaar. Hij heeft mij het boek gegeven; mij tot profeet gemaakt. 31. Hij heeft mij tot zegen gemaakt waar ik ook ben, en heeft mij geboden het gebed en vrijgevigheid,    mijn leven lang. 32. En liefdevol te zijn jegens mijn moeder en geen opstandig geweldenaar. 33. Vrede zij met mij op de dag dat ik geboren werd, op de dag dat ik sterf, en op de dag dat ik weer tot leven ontwaak.

De wonderlijke geboorte van Jezus wordt vergeleken met die van Adam: God sprak een scheppend woord: kun fa yakun: “wees er” en hij was er. Hierop volgt dan in beide soera’s ook een correctie, waarbij wij hier soera 19 weer volgen: 88. En zij zeggen: ‘De Erbarmer heeft zich een kind gemaakt.’ 89. Jullie hebben echt iets afgrijselijks begaan. 90. Bijna zou de hemel ervan barsten, de aarde splijt open, het gebergte valt uit elkaar. 91. dat zij de Erbarmer een kind hebben verschaft. 92. Het past niet bij de Erbarmer dat Hij zich een kind maakt. 93. Ieder die in de hemelen en de aarde is, komt tot de Erbarmer slechts als dienaar. 94. Hij heeft hen opgesomd en geteld, betrouwbaar. 95. Ieder van hen komt tot Hem op de opstandingsdag, eenzaam. 96. Zij die geloven en de goede daden doen, voor hen heeft de Erbarmer liefde beschikbaar. 

Het is duidelijk dat deze teksten een narratieve uitbreiding geven van de Jezusgeboorte volgens Matteus en Lukas. De schrik van de ongewenste zwangerschap wordt nog benadrukt, dat is dus de me-too versie van het verhaal, zoals wij het nu kunnen lezen. Ook het concilie van Efese van 431 waar Maria werd uitgeroepen tot Moeder Gods, Teotokos, wordt als een foutieve ontwikkeling gecorrigeerd. Wij kunnen ons nu natuurlijk ook afvragen wat we met die maagdelijke geboorte aanmoeten, in ieder geval als fysieke gebeurtenis. Die prachtige tekst van het Te Deum wordt volgens mij steeds weer ontluisterd door die rare lofprijzing van Jezus als Zoon Gods, qui non horruisti virginis uterum: Jezus, die daar negen maanden in de baarmoeder heeft moeten wachten, duister, niet meteen een plek om te wachten tot het kan beginnen. In de algemene islamitische opvatting heeft die zwangerschap trouwens niet zo lang geduurd, maar slechts enkele uren. Maria ging de woestijn in, kreeg het kind bij de palmboom en de beek en ging naar de familie toe.

Onze cyclus in de Janskerk heet Hoop en vertrouwen. Voor deze zondag is als thema begenadigd zijn gekozen. Daarover zijn bijbel en koran het wel eens: dat Maria in eerste reactie echt niet dacht aan hoop, vertrouwen, begenadigd zijn, maar dat er afwijzende reactie kwam. Een verkrachtingsverhaal, zo lijkt zij het aanvankelijk te hebben gezien. Tenminste zo kunnen wij het nu ook lezen. De engel Gabriël kan er op de afbeeldingen nog zo mooi uitzien, hij of zij (? Engelen zijn dus wel gender-neutraal!) heeft enige overredingskracht nodig en wat tijd. Maria geeft toe: ‘Nou vooruit dan maar’, ‘de Heer wil ik dienen: laat er met mij gebeuren wat u hebt gezegd’ klinkt het een beetje zuinig in Lukas. In soera 19 wordt kortweg door Gabriël gesteld dat het al door God besloten is. Soera 3:43 roept Maria op om dienstbaar te zijn en zich vooral bij de buigingen en knielen van de biddenden aan te sluiten.

Voor het thema vertrouwen herlas  ik laatst een mooi werk van Shafaatun al-Mirzanah, Indonesische studente, gepromoveerd op een vergelijking van de godsbeelden van de Spaans-Arabische Ibn ‘Arabi en de denker van het Rijnland, Meester Eckhart. Zij concentreerde zich op wat Eckhart Gelâzenheit noemt, gelatenheid. Het heeft iets passiefs in zich: gelaten de zaken van het leven over je laten komen. Afwezigheid van spanning, overbelasting, stress, door het leven aan God of het lot toe te vertrouwen. Maar dat is de ‘koude kant’. Er is ook toewending, actief vertrouwen, verlaten van je eigen perspectief en overgave aan het grotere goddelijke plan. In de visie van Shafaatun kan zij de ‘gelatenheid’ ook als Islam lezen. Islam wordt wel vertaald met onderworpenheid aan Gods wil, maar dat is de ‘koude lezing’. In de ‘warme lezing’ wordt het toevertrouwen, zelfs éénwording met God onder andere uitgedrukt in dat gezegde van Ibn ‘Arabi: ‘wie zichzelf kent, kent zijn Heer’. Door je zelf als beeld Gods te zien, kom je tot inzicht in hoe en wie God is. Dit lijkt een beetje op die boude uitspraak van Harry Kluitert op ‘alles wat over God wordt gezegd van de mens komt’.  Het is in feite ook de gerechtvaardigde omdraaiing dat de mens beeld van God is. Dan is God als beeld dus ook bij de mens te vinden. In Maria als tweede figuur in ons Christendom vinden we in haar woord van toestemmingen vertrouwen een begenadigd beeld. Op weg naar het Christuskind van Kerstmis!



 Jozef hoort er in de islamitische traditie nog veel minder bij dan in het christendom. In de Koran wordt hij helemaal niet genoemd, in de commentaren toch een enkele keer en zo ook in afbeeldingen. Zoiets als dat Maria vrij is van erfzonde hoeft bij moslims niet, want evenmin als bij Joden is erg een erfzonde-gedachte aan het Adam verhaal verbonden. Dat Maria in de hemel zou zijn, lichamelijk en wel, komt daar dus ook niet voor.Als kind vond ik dat trouwens erg zielig voor Maria: zij alleen als mens in die kolossaal grote feestzaal die de hemel is, ook wel saai en eenzaam. Joop Smit bezwoer ons bijde voorbereidingsdiscussie om het bijbelverhaal als een mooie tekst tekst te nemen, meer niet. Maar ja, eenmaal met die verhalen opgevoed van maagd vóór, tijdens en na de bevalling, kan ik daar moeilijk aan ontkomen.Misschien helpen de afbeeldingen hier nog sterker dan het geschreven verhaal.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten