Kardinaal Willebrands (1909-2006) heeft een biografie gekregen, geschreven door Karim Schelkens, docent inTilburg University. Bij zo'n gebeurtenis hoort een presentatie voor publiek en de was er ook, afgelopen zondag, 24 jan. 2021. Lokatie zou zijn in Den Haag, maar nu werd het een webinar, waarbij de lokatie er niet toe deed. Het was de eerste keer in 10 maanden dat ik er in geslaagd ben om zo'n programma via zoom goed te kunnen volgen. Er waren steeds zo'n 175 deelnemers aanwezig: mooi aantal op een zondagmiddag om 14.00 uur.
Aanvankelijk had ik niet in de gaten dat ik op video-aan moet drukken om ook mijn plaatje erbij te krijgen. Het was wel leuk om zo ruim tien oud-collega's en bekenden te zien die ik al lang niet meer fysiek was tegengekomen: Ed Kimman, Eric Sengers, Henk Witte, Gerard van 't Spijker, bisschop Gerard de Korte en zo verder. Bert Groen was er (nog steeds, ook na emeritaat) vanuit Oostenrijk. Er waren na een inleiding door auteur Karim Schelkens nog vijf sprekers die ieder 10 minuten kregen. Discussie was er niet echt, al werden er via de chat-functie wel wat vragen gesteld. Brian Heffermans sprak over WB als 'zielzorger': dat was hij, maar wel gereserveerd. Zijn contacten met Cornelia de Vogel (de briefwisseling is bewaard gebleven) waren nogal kalm en afstandelijk, terwijl De Vogel honderduit en zeer open schreef. De Memoires van Bluyssen schijnen ook zeer open karakteriseringen van de omstandigheden te geven.
Hij was een ietwat deftige, zakelijke persoon, die ook afstand hield van politiek en zich tot het strikt-religieuze wilde beperken. De eenheid van een volk en een religie bij het jodendom en vooral de staat Israël vond hij erg ingewikkeld. Overigens: ook Alfrink en Van der Ploeg hadden liefde voor de bedoeïenen, maar niet voor de nieuwe staat der joden! In 1937 (28 jaar oud pas!) was hij in Rome in kerkgeschiedenis gepromoveerd op Henry Newman. Ook een geleerde gentleman. 'Kijk eens naar zijn keurige schoenen!' Toen de Wereldraad van Kerken na 1970 nogal de sociaal-economische kant opging, kon hij er niet veel mee doen. Hij kwam in Rome als secretaris voor de eenheid in 1960 en beter had hij het niet kunnen treffen. De tijden waren klaar voor verandering. Vooral met de orthodoxen van het oude Constantinopel kon hij goede relaties opbouwen en uiteindelijk werd de wederzijdse banvloek van 1054 kort na het concilie van 1962-5 ook ingetrokken. Ook met de Anglikanen gingen de relaties de goede kant uit. Iemand vroeg zich zelfs af of in 1967 de eenheid al echt hersteld had kunnen worden?
In 1975 benoemde Paulus VI hem tot aartsbisschop van Utrecht (nadat door benoemingen van Simonis en Gijsen), maar zijn werk in Rome ging gewoon door, al werden er daar geen echte stappen vooruit meer gezet, die tijd was al voorbij. In Nederland kon hij de verzoening niet brengen. In de 8 jaar van zijn bewind (tot 1983) heeft hij ook niemand tot priester kunnen wijden: de splitsing van conservatief en vooruitstrevenden had al toegeslagen. Op het graf van de Nederlandse paus Adrianus VI in Rome staat die onheilspellende spreuk: hij was in de verkeerde tijd op het mooie ambt gekomen. Zo erg was het met Willebrands zeker niet: de jaren 1960 waren fantastisch!


