Het weekblad DeKanttekening van de Gülen-mensen in Nederland heeft deze week een uitvoerig interview over de Armeense genocide van 2015. Op 24 April werden in Istanbul 200 Armeense intellectuelen en notabelen gedood. Een pogrom. Het was een stap in de richting van wat uiteindelijk een genocide werd van de Armeense bevolking in het oosten van Turkije.
Tayfun Balik had gesprekken met 1) Sayat Tekir, Armeense activist in Nederland, 2) Aysenne Korkmaz, van Turkmeens-Iraakse afkomst, die een dissertatie schrijft bij de Universiteit van Amsterdam over verhalen van overlevenden van de genocide, 3) Davo Poghossian, werkzaam bij de medische faculteit in Utrecht en 4) Serda Nehirci, van Koerdische afkomst. Over gebruik van het woord genocide wordt verder niet gekibbeld: het wordt gewoon gebruikt. Er wordt nog wel aan toegevoegd dat er ook nog op 6-7 September 1955 een pogrom tegen christenen in Istanbul heeft plaats gevonden, waardoor de samenstelling van de grootste stad nog homogener is geworden.
Dominant in de interviews is de verontwaardiging over een 'Turkse cultuur van ontkenning': die wel een beetje lijkt op de Nederlandse cultuur van ontkenning over onze laatste koloniale oorlog 1945-1949. Het kan heel lang duren voor er openlijk gesproken kan worden over pijnlijke episoden in de nationale geschiedenis.
Nederland had zelf ook nog zijdelings wat te maken met die Armeense genocide. Rusland drong al lang aan op een soort van autonomie/onafhankelijkheid voor de Armeniërs en in begin 1914 werd onder pressie besloten dat er twee oostelijke gebieden zouden komen onder een soort internationale gouverneur, met officiële titel als inspecteur-generaal. Dat werden een Noor en een Nederlander. De laatste was Louis Westenenk (1872-1930), koloniale diehard en verantwoordelijk voor het keihard neerslaan van een protest tegen invoeren van belasting in West-Sumatra in 1908. Hij was begin 1914 op Europees verlof en werd voor de positie in Turkije benoemd. Hij ging 29 April 2014 per Oriënt-expres naar Turkije, met de Noor. Ze onderhandelden enkele weken met de Turkse regering, kwamen tot moeizame overeenstemming en gingen voor overleg en aankoop van allerlei zaken terug naar hun vaderland. 29 Juni vertrok Westenenk weer naar Istanbul, maar toen werd net de Oostenrijkse kroonprins in Serajewo vermoord en daarop werd het hele politieke proces voor gedeeltelijke Armeense onafhankelijkheid afgeblazen. Westenenk ging vanuit Nederland daarop weer terug naar Indonesië, waar hij nog een een mooi hoge functie als Edeleer: lid van de Raad van Nederlandsch-Indië werd benoemd.
Het heeft weinig zin om te speculeren wat er gebeurd zou zijn als die kroonprins niet op 28 juni 2014 was vermoord en Westenenk wel aan het begin had kunnen staan van een soort semi-autonome (maar veel grotere) Armeense staat, vanuit zijn standplaats Erzurum. Zouden dan Libanon en Israel niet als onafhankelijke gebieden/staten zijn opgericht na 1914-8? Zou de multiculturele Turkse staat dan in zijn verscheidenheid (met veel 2e rangs groeperingen in het dhimmi-concept) behouden zijn? Het is niet zo gebeurd.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten