Oud-collega bij de theologische faculteit Utrecht, Wil van den Bercken, is lange tijd vooral Rusland-kenner geweest. Met liefde voor de oude Russische iconen en een grote hekel aan de moderne combinatie van Poetin-dictatuur en vermenging van nationalistisme en a-politieke religie. Maar sinds zijn pensionering heeft hij de meeste boeken over Rusland weggedaan (en daar zelfs een klein boekje over geschreven), maar kocht hij een mooie verrekijker om op zijn balkon aan het Merwedekanaal in Utrecht de hemel te bekijken. Nu is daar een boek over verschenen. Allereerst wil hij een pleidooi houden voor een kosmologisch bewustzijn, dat hij zelfs een soort 'kosmische spiritualiteit' (blz. 90) noemt, een besef dat er heel veel universum is buiten onze aarde, buiten ons zonnestelsel. Ja zelfs die immense hoeveel sterren die in de Melkweg zitten worden omgeven door miljarden andere systemen: allemaal immens. ooit begonnen en het zal ooit ophouden, maar dat maken wij niet meer mee.
Ook al is thuis de boekenplank beperkt gehouden, hij heeft er veel voor gelezen, samengevat en verwerkt. In heldere taal, zonder al te veel technische details, bespreekt hij eerst vijf natuurkundigen die schreven in een wereld waarin in Eruropa religie nog behoorlijk dominant was. Copernicus, Galilei, zij hadden last van katholieke censuur. Giordano Bruno moest het met de brandstapel bekopen. De vrome Kepler en de zakelijke Isaac Newton leefden in landen waar Lutheranisme dan wel anglicanisme dominant was en konden zo werken aan een wereldbeeld waarin de aarde om de zon ging draaien.
Vanaf einde 18e eeuw gaat de ontwikkeling door: ons zonnestelsel krijgt een bescheiden plaats in eens steeds verder uitdijend heelal via Laplace, Herschel, een Jezuïet Georges Lemaître die met een beeld van een oerknal kwam in 1931, Stephen Hawking, Lawrence Krauss. De rode draad hier is steeds hoe in de marge van de natuurkundige ontwikkelingen steeds een gesprek met de oude religieuze gedachten plaats vindt: van atheïstische afwijzing, tot voorstellen als die van een Intelligent Design en een soort van natuur-pantheïsme. Spinoza was niet de eerste die natuur=God definieerde. Dat vinden ook al bij Giordano Bruno (55).
Van den Bercken heeft in zijn lange carrière als Ruslandkenner veel te maken gehad met staatspropaganda voor atheïsme. Daar heeft hij veel weerstand tegen gebouwd. Hier spreekt een scherp lezen en bescheiden waarderen. Als we dit boek over kosmologisch bewustzijn leggen naast vorig werk blijkt er een dominerend besef te zijn van kleinheid, betrekkelijkheid der dingen.Nu heeft hij vanuit grootse vergezichten van de ontwikkeling van ons universum, een aangenaam, helder en voor de leek begrijpelijk en verrassend boek geschreven. Ga nog vele jaren zo door!


Geen opmerkingen:
Een reactie posten